
Amersfoort heeft er een kunsthal bij, een splinternieuw gebouw met een prachtige constructie en een heel open uitstraling. Het daglicht stroomt van alle kanten binnen. Dat en de ietwat onhandige constructie van de expositie etages zorgen ervoor dat de beelden een gevecht moeten leveren met de ruimte. Ook de volgorde van de werken maakt dat de totaal indruk minder is dan wanneer de werken in een betere omgeving of combinaties zouden zijn gepresenteerd. Nu lijkt het geheel vooral kunstenaars te tonen die kinderlijk werken, al of niet met dubbele bodem. Het lijkt alsof ze geselecteerd zijn op hun professioneel geknutsel.

Henry J Dagger is een kunstenaar die pas na zijn dood ontdekt werd. Hij bleek zonder dat iemand dat wist een grote hoeveelheid illustraties in waterverf te hebben gemaakt bij zijn epos The Story of the Vivian Girls. Hij woonde in een armzalig kamertje tot hij overgebracht werd naar een verzorgingstehuis. Na zijn dood vond met zijn werk. Het is het werk van een autodidact. Het verhaal en de tekeningen lijken op kinderlijke fantasieen. Vreemd genoeg hebben de meisjes allemaal een penis. Ze worden op beestigachtige manier gemarteld en gedood door rijke volwassenen.






In Amersfoort is niet deze te zien, maar een vergelijkbare.

CHIHO AOSHIMA schildert wonderlijke landschappen met daarin sprookjesfiguren en tieners. Door de glanzende en felle kleuren neigt het naar kitsch, al wijzen de prijzen die voor haar werk betaald worden daar niet op(?)




heeft een bijna stripachtige en naieve wijze van figuren neerzetten. De voorstelling vertelt vaak een luguber verhaal.





doet het goed in expoland, op bijna elke tentoonstelling van moderne kunst is haar knipselwerk te zien. Zij past uitstekend in dit gezelschap. Haar knipwerk is natuurlijk veel beter en geraffineerden dan het gemiddelde knip- en plakselwerk,
maar het geeft haar werk ook dat kinderlijke dat veel kunstenaars hier gemeen hebben.



Zou het dan toch allemaal door de televisie komen?
